Nationaal natuurpark de Biesbosch

Nationaal Natuurpark De Biesbosch ligt op de grens van Zuid-Holland en Noord-Brabant en bestaat uit drie delen: Hollandse Biesbosch, Dordtse Biesbosch en Brabantse Biesbosch.  Nationaal natuurpark De Biesbosch is een avontuurlijk doolhof van rivieren met eilandjes met wilgenbossen en kreken met glashelder water. Het is een bijzondere combinatie van alle Nederlandse flora en fauna op een plek. De Biesbosch is een van de weinige zoetwatergetijdengebieden van Europa. Het gebied is onderhavig aan eb en vloed. De Biesbosch bestaat voor het grootste gedeelte uit water, rietlanden en kreken. De meest belangrijke inwoner van het nationaal natuurpark de Biesbosch is de bever!

 

ONTSTAAN NATIONAAL NATUURPARK DE BIESBOSCH

In de Middeleeuwen heette de Biesbosch de Groote of Zuidhollandsche Waard. Het was een gebied met veel water, omringd door kleine boerendorpjes. De Biesbosch werd intensief gebruikt voor landbouw, zout, turfwinning en van de fruitteelt. Het natuurlandschap verschafte veel bewoners in de buurt van de Biesbosch werk. Het gebied veranderde compleet door de Elisabethvloed van 1421. De Elisabethvloed is een waternoodramp die tot een van de ergste uit Nederlandse geschiedenis behoort. De ramp werd waarschijnlijk veroorzaakt door een zware noordwesterstorm met een hoge stormvloed en slecht dijkonderhoud. De omringende dijk brak door waardoor er 16 dorpen onder water verdwenen. Er ontstond een zee van 30.000 hectare. Klei en zand, aangevoerd door de zee, hoogden het ondergelopen land op. De dijkdoorbraak van 1421 vond plaats in de buurt waar nu de Moerdijkbrug ligt.  

BIEZEN

Door de open verbinding met de zee ging het water in de Biesbosch ieder getijde twee meter op en neer. Ieder getijde liet een laagje ebslib achter. Tijdens periodes van eb ontstonden de eerste mogelijkheden voor groei van planten, onder andere biezen. Deze manshoge waterplant werd commercieel geoogst en gebruikt voor het maken van stoelzittingen. Nationaal natuurpark De Biesbosch dankt haar naam aan deze plant. Na de biezen groeide riet op de aangeslibde platen. Bossen van 4 meter of hoger lang waren geen uitzondering. Dat riet werd vaak gebruikt in zinkstukken, waarin veel riet werd verwerkt. Op de platen die al bij bijna hoogwater droog kwam te staan, konden daarna wilgen groeien en ging men er griend in telen. Griend zijn wilgenbossen. Toen na verloop van tijd het land hoger werd, werden de grienden omdijkt en de struiken verwijderd. Dit waren de eerste polders. In de Biesbosch, vroeger alleen toegankelijk per boot, hebben door de eeuwen heen vele mensen werk gevonden. 

TWEEDE WERELDOORLOG

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zochten veel verzetsstrijders en onderduikers hun toevlucht in het huidige nationaal natuurpark de Biesbosch. In korte tijd liep het aantal onderduikers op tot 300.  De Duitsers meden het gebied uit angst voor het stijgende en zakkende water. De smalle paadjes die door het moeras kronkelden, de hoge begroeiing waarachter zich van alles kon verbergen; dit alles riep vrees op bij de Duitse bezetter. Tijdens de laatste hongerwinter werd er tussen het bevrijde Zuiden en het nog bezette Noorden volop heen en weer gevaren, oftewel de Biesbosch werd het toneel van de “Crosser-liners”. Kenners van het gebied loodsten piloten, verzetsstrijders, spionnen en vertrouwensmannen van de regering vanuit het bezette gebied veilig door de Biesbosch naar het bevrijdde gebied en weer terug.

1970

In 1970-werden de Deltawerken gerealiseerd. Door de afsluiting van het Volkerrak met sluizen vielen de getijden weg. Er werd geen geld meer verdiend met de oorspronkelijke producten zoals het riet, griend en biezen. Hiervoor in de plaats werden 3 spaakbekkens aangelegd. In de spaarbekkens wordt oppervlaktewater uit de Maas opgeslagen. Van het bekkenwater wordt drink- en industriewater gemaakt.

Nationaal  natuurpark De Biesbosch is een indrukwekkend natuurgebied dat u zelf kunt ontdekken vanaf het water of te voet.